Landschap
Deze praktijk gaat terug tot de 11de - 13de eeuw, toen een groeiende bevolking de vraag naar voedsel deed toenemen. Langs de Schelde en Durme legden onze voorouders dijken aan en werden de oorspronkelijk extensief gebruikte rivierbossen omgevormd tot bevloeibare graslanden. Deze graslanden kon je tweemaal per jaar maaien, wat resulteerde in meer hooi, meer vee en uiteindelijk meer mest voor de akkers – een essentiële voorwaarde voor de verhoging van landbouwproductie. Naast bemesting had vloeibeheer ook andere voordelen zoals de verbetering van de bodemstructuur, bescherming van het gras tegen vorst en bestrijding van ongewenste planten en dieren.
Hoewel de praktijk ondertussen verdwenen is, zijn er vandaag nog steeds sporen van de graslandbevloeiing zichtbaar in het landschap. Denk bijvoorbeeld aan sloten, lage ‘vloeidijkjes’ en watersystemen die de toevoer en afvoer van water regelen. Ook vlasrootputten aan de binnendijkse zijde en schorren die nu palen aan- of deel uitmaken van gecontroleerde overstromingsgebieden herinneren nog aan deze historische praktijk.
Dit project focust zich voornamelijk op het werkingsgebied van Nationaal Park Scheldevallei, waar de graslanden (in Oost-Vlaanderen bekend als ‘meersen’, in Antwerpen als ‘beemden’) zich bevinden waar het historisch vloeibeheer plaatsvond. Dit gebied omvat het Vlaamse deel van het stroomgebied van de getijdenrivieren van het Schelde-estuarium: de Zeeschelde, de Durme en de Rupel en omvat gemeente Berlare, Dendermonde, Hamme, Laarne, Lokeren, Temse, Waasmunster, Wetteren, Wichelen en Zele (Provincie Oost-Vlaanderen), Bornem, Puurs-Sint-Amands, Rumst en Willebroek (Antwerpen).
Het project binnen RLSD focust zich op het historisch vloeibeheer in de Scheldebroeken. Dit gebied situeert zich langsheen de linkeroever van de Schelde in Zele, Berlare en Wichelen.
De laatste getuigen die de praktijk van graslandbevloeiing met getijdenwater nog hebben meegemaakt zijn ondertussen veelal (hoog)bejaard. Hun kennis rond lokale technieken, waterbeheer en landschapsgebruik dreigt verloren te gaan. Via dit project willen we deze getuigenissen veiligstellen voor de toekomst en koppelen aan wetenschappelijke inzichten én deze voor voor velen onbekende cultuurhistorische praktijk onder de aandacht van het brede publiek brengen.
Doelstellingen:
Via dit project willen we niet enkel dit haast vergeten waardevol cultureel immaterieel erfgoed reconstructeren, maar ook de ecologische en landschappelijke waarde van vloeimeersen onder de aandacht brengen. Vloeimeersen herbergen namelijk een rijke biodiversiteit en spelen een cruciale rol in waterbuffering, koolstofopslag en sedimentvastlegging. Bovendien kunnen ze een inspiratie zijn voor moderne toepassingen in klimaatadaptatie en duurzaam landschapsbeheer.