Ga niet zomer aan de slag! Met volgende aandachtspunten geef je je boom of struik de kans om gezond uit te groeien. Succes!
Snoei steeds met een duidelijk doel voor ogen. Begin nooit in het wilde weg te knippen.
Snoei maximaal 20 - 30% per jaar van de bladmassa van een boom of struik weg. Opgelet dus: als je twee x per jaar snoeit, neem je bij deze twee snoeibeurten samen maximaal 20 – 30% weg. Leg de gesnoeide takken naast de struik of boom, zo kan je de massa op het zicht inschatten.
Dode en zieke takken snoei je steeds als eerst weg. Nadien snoei je hinderende takken zoals kruisende takken, deze veroorzaken wonden.
Vermijd naar binnen groeiende takken, zo houd je de struik luchtig.
Materiaal
Gebruik steeds een scherpe haagschaar en ontsmet deze goed met bv. Dettol.
Snoei je een zieke struik? Ontsmet dan je haagschaar na de knipbeurt.
Geef de voorkeur aan een haagschaar die knipt (= twee over elkaar schuivende bladen zoals een schaar; figuur 1) en vermijd een aambeeldwerking (= een snijvlak dat tegen een vlak metaal duwt; figuur 2). Deze laatste zorgt ervoor dat een deel van de tak geplet wordt. Zo beschadig je het weefsel.
Voor dikker takkenhout gebruik je best een snoeischaar met langere armen zoals bijvoorbeeld een Silky (figuur 3) of een trekzaag. Zo kan je meer kracht zetten en vlot takken van een grotere diameter zagen met een mooie snoeiwonde.
Figuur 1: Snoeischaar met twee messen (knipfunctie)